Fennenoord voldoet ruim aan strenge geureisen gemeente

PERSBERICHT, 19 SEPTEMBER 2021

Het aangekondigde onderzoek naar potentiële geurhinder van de door Fennenoord BV geplande fabriek naast het voormalige Akzo-terrein in Deventer is afgerond. Het onderzoek van internationaal gerenommeerd onderzoeksbureau Peutz BV bevestigt het beeld dat Fennenoord eerder schetste.

Zelfs wanneer er op 100 meter afstand een woonwijk zou liggen, zou Fennenoord aan de strenge eisen van de gemeente voldoen. De gemeente stelt 10x strengere eisen dan de provincie op het gebied van geur.

Voor haar fabriek gebruikt Fennenoord o.a. mest als grondstof. Belangrijke geurende stoffen die vrijkomen uit mest zijn ammoniak (NH3), waterstofsulfide (H2S) en mercaptanen (zwavelhoudende organische verbindingen). De belangrijkste potentiële geurbronnen bevinden zich inpandig in de fabriek. Deze ruimten worden onder onderdruk gehouden om zo geen geurhoudende lucht te laten ontsnappen.

Omdat Fennenoord een nieuwe fabriek wil bouwen, moet zij aan strengere eisen voldoen dan de geurgrenswaarden die voor een bestaand bedrijf gelden. Voor nieuwe bronnen geldt dat een geurbelasting tot aan de (veel strengere) richtwaarde acceptabel wordt geacht, mits de best beschikbare technieken zijn toegepast om de geurbelasting te beperken.

Op grond van het huidige bestemmingsplan dient de geurbelasting vanwege Fennenoord op 100 meter afstand te worden beoordeeld als rustige woonwijk, met een geurrichtwaarde van 1,5 ouE/mÑ (98-percentiel). Het bestemmingsplan is daarmee een factor 10 (!) of meer strenger is dan het Provinciaal geurbeleid.

Het gebied met een geurbelasting van 1,5 ouE/mÑ (98-percentiel) valt bij Fennenoord geheel binnen de 100m-contour rondom het bedrijf. De geurbelasting op 100 meter afstand van Fennenoord op het industrieterrein is dus lager dan de geurrichtwaarde voor een rustige woonwijk, en voldoet daarmee ruimschoots aan het worst case toetsingskader volgens het huidige bestemmingsplan. ‘De resultaten van het onderzoek voldoen volledig aan onze verwachtingen’, aldus directeur Rob Korten. ‘Geurende stoffen zoals ammoniak zijn voor ons juist grondstoffen voor onze producten, dus die halen we via gesloten destillatieprocessen uit de mest. Komt er ammoniak buiten ons proces en buiten de installatie en dan in de wijken om ons heen terecht, dan verliezen we dus feitelijk product en inkomsten. Als bedrijf willen we dat natuurlijk niet. Zowel geen verlies van product, maar zeker geen geuroverlast’

De gemeente Deventer wil in het huidige bestemmingsplan een wijziging aanbrengen, waardoor mest-gerelateerde activiteiten niet meer kunnen worden toegestaan. Geuroverlast is daarbij het enige argument van de gemeente waarop ze voornemens is een wijziging in het bestemmingsplan door te voeren. ‘Nu de geur ruim binnen de 100 meter van de regelgeving blijft, hopen wij dat de gemeente met ons in gesprek wil. Het zou vreemd zijn wanneer wij uitgesloten worden, maar dat een bedrijf dat moet voldoen aan soortgelijke geurnormen op 100 meter (bijvoorbeeld bepaalde typen chemiebedrijven, een slachterij of een middelgroot visverwerkingsbedrijf) zich er wel gewoon mag vestigen. En dat terwijl wij veel voor de gemeenschap te bieden hebben: werkgelegenheid, vermindering van CO2-uitstoot, vermindering van stikstofemissies, warmtenetten die van het gas af kunnen zonder duizenden Euro’s per aangesloten woning daarvoor te hoeven investeren en 10 jaar eerder gasloze warmtenetten dan de gemeente heeft gepland. En met ons onderzoeksprogramma en benodigde ondersteunende activiteiten zien wij volop kansen voor samenwerking met Saxion, De Gasfabriek en S/Park.’

BEKIJK HIER HET VOLLEDIGE ONDERZOEKSRAPPORT

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *